Spreken

 

 
Articulatieproblemen:
   
Kinderen kunnen moeilijkheden hebben bij de uitspraak
van bepaalde klanken. De /r/ klinkt als een /l/ of een /j/
of rolt niet genoeg. De /s/ wordt met de tong tussen de
tanden gevormd. Het komt soms voor dat kinderen alle
klanken juist kunnen vormen, maar niet in alle woorden.
Bijvoorbeeld: het kind kan de /t/ uitspreken maar
‘telefoon’ wordt telkens ‘kelefoon’.

 

 
Stotteren:
 
Stotteren begint meestal voor de leeftijd van 9 jaar.
De meeste kinderen die stotteren, beginnen
onvloeiendheden te vertonen tussen 3 en 4 jaar.
Elk kind maakt normale onvloeiendheden. Wanneer
de onvloeiendheden gekenmerkt worden door het
onvrijwillig herhalen van klanken, lettergrepen en
woorden, verlengingen van klanken en/of blokkades
dan is verder onderzoek aangeraden.

 

 
Stemproblemen:
 
Stem is een complexe samenwerking tussen houding,
ademhaling, articulatie, resonatie en stemplooitrilling.
Een goed evenwicht tussen al deze functies is de sleutel
tot een goede stemgeving. Stemproblemen kunnen
ontstaan door verkeerd stemgebruik of door een
organische oorzaak bv.: stembandknobbels.

 

 

 
Neurogene stoornissen:
 
Volwassenen kunnen na een trauma door bijvoorbeeld
een ongeval of een beroerte problemen vertonen met
het begrijpen en produceren van de taal (afasie).
Je hebt dan moeite om je uit te drukken. Je komt vaak
niet op de woorden die je zoekt. Je kunt tevens
problemen hebben met het uitspreken (dyartrie).
Hierbij worden articulatieoefeningen aangeboden om
de pittigheid te verbeteren.

 

 
Een vertraagde taalontwikkeling:
 
 
Wanneer de taalontwikkeling vertraagd op gang komt
en het kind wel woorden begrijpt maar niet zelf gebruikt,
is er logopedie aangeraden. Als je kind blijvend twee- en
driewoordzinnen op vierjarige leeftijd gebruikt, is verder
onderzoek aangeraden. Dan moet de taal gestimuleerd
worden en werk ik remediërend. Door de woordenschat
uit te breiden, aan de zinsbouw te werken en de
communicatie in het algemeen te trainen.